Geschreven door Eva Geelen

Pubers en mobiele telefoons, een combinatie die mij als ouder tot wanhoop drijft. Mijn jongste dochter eet, fietst en studeert met haar mobiele telefoon niet alleen bij de hand, maar liever nog in haar hand. Wij allemaal schijnen er gemiddeld 200 keer per dag (dat is ongeveer elke vier minuten!) op te kijken. De vraag is dan ook: hoe leer je jongeren ermee omgaan? Ook de huiswerkbegeleiders van Ready to school (RTS) denken hierover na. Daarom introduceert RTS in januari het thema ‘Toos Mobielloos’. Doel? Op een speelse manier leerlingen meer bewust te maken van hun telefoongebruik.

RTS en mobiel
Net als veel scholen en andere deskundigen hanteert RTS het motto: ‘verbieden kan niet; dus ermee leren omgaan.’ Bij RTS mógen mobieltjes dan ook op tafel, mag een leerling oortjes met muziek in. Máár er wordt wel op gelet. Ilse: ‘Aan het eind van elke middag kijken we naar de resultaten: wat heb je gedaan? Als we zien dat een leerling achterloopt op de planning en we zien dat iemand veel op zijn mobiel kijkt, ja dan praten we daarover natuurlijk. Ook zie je het altijd aan iemands lichaamstaal hoe actief en serieus hij of zij aan het studeren is. En ik heb WhatsApp op mijn computer en ik check regelmatig wie er zoal online is. En dan stuur ik ook wel eens een berichtje; ‘lukt het?’.

Als we zien dat iemand te veel met zijn mobiel bezig is en dat dit ten koste gaat van school, dan praten we daarover. Leerlingen komen hier om te leren en vinden het zelf ook fijn als ze klaar zijn als ze naar huis gaan. We leggen daarom regelmatig iemands mobiel op ons eigen bureau. Altijd in het zicht en nooit als straf. Dat gaat eigenlijk prima. Ze snappen ook wel dat het soms beter is.’

Digi-natives
Even terug naar de thuissituatie, waarin ik op zoek ben naar een goede modus voor het telefoongebruik van mijn dochter. In die zoektocht sta ik niet alleen. De pubers van vandaag worden ook wel digi-natives genoemd. Het is namelijk de eerste generatie ever die slechts een wereld mét mobieltjes kent. Toen ik 20 jaar geleden ging bevallen van mijn oudste dochter kreeg ik van de zorgverzekering een pieper (!) mee, om mijn man op te piepen als het zover was. Vier jaar later toen de jongste ter wereld kwam, ging CZ er al vanuit dat iedereen een mobiel had. Zo snel is het gegaan. En helaas pindakaas, onze generatie houdt het niet bij. 

Lastig bijsturen
Dat tekent ook de moeilijkheid voor ons als opvoeders. Het is lastig je kind bij te sturen op een onderwerp waar datzelfde kind je lichtjaren vóór is. Terwijl het van de andere kant allerlei andere vaardigheden nog moet leren. Dan denk ik aan vaardigheden als planning, korte-termijn impulsen onderdrukken, weerbaar zijn in groepsverband, dingen doen (zoals leren) waar je geen zin in hebt.

En dus probeer ik in gesprek te blijven over de mobiel. En dan vooral over het gebruik van de mobiele telefoon tijdens de studie. Verbieden kan niet zomaar want de telefoon voegt ook iets toe aan de studie. Magister staat op de mobiel, er zijn whatsapp-groepen met school waarin ook leraren zitten, er zijn razend populaire YouTube-filmpjes van leraren.

En dat maakt het extra gecompliceerd. Dus ik probeer te laten ervaren dat offline-time ook best iets heeft. Of het werkt? Ik zie haar in elk geval wel iets vaker verzonken in een boek en dat is me ook wat waard. En zelf geeft ze intussen schoorvoetend toe: ‘ik kan me sóms wel iétsje beter concentreren zonder mobiel’.

Interessante links:
https://www.mediawijsheid.nl/ouders
http://mijnkindonline.nl

Leuk filmpje over offline zijn:
https://www.facebook.com/verkenjegeest/?pnref=story

 

image2